die ‘mensen’ toch

September 21st, 2008

Valt het u ook op hoe vaak er tegenwoordig gesproken wordt over DE problemen van DE mensen? Liberaal partijvoorzitter Bart Somers: “het wordt tijd dat we ons gaan bezighouden met hun problemen: koopkracht, jobs, pensioenen”. Somers en zijn partij hebben daarvoor nochtans 8 jaar de tijd gehad. De accijnsen op diesel zijn dezelfde gebleven, de 200.000 jobs zijn er niet gekomen en het Zilverfonds… tja, da’s eigenlijk een virtuele spaarpot, maar te moelijk om uit te leggen aan ‘de mensen’.

Maar over die ‘mensen’. Waarom scheert men het electoraat over dezelfde kam? Ik heb namelijk een job (net zoals 96% van de Vlaamse bevolking tussen 18 en 65) en voel me dus niet aangesproken. Zijn al die communiatiegoeroe’s en spindoctors er nu nog niet achter dat je je doelpubliek moet segmenteren om het effectief aan te spreken? Ik wil aangesproken worden als ‘dertiger met toekomstperspectieven’. Mijn moeder als ‘moeder van 3 kinderen op een zucht van haar pensioen’. En wat doen jullie voor ons. Zender-boodschap-ontvanger.

Valt het u ook op hoe DE problemen van DE mensen steeds vaker worden benoemd door een triumviraat: een liberale partijvoorzitter, zijn socialistische evenknie en een (uiteraard objectieve) hoofdredacteur van een krant. En om de beweringen op hun familiefeest te staven houden ze een al even represenatieve steekproef.

Om af te sluiten: blader in de peilingen eens naar de belangrijkste gegevens (en dat is niet de winst of het verlies van het kartel), maar: grootte van de steekproef, foutenmarge en significantie. Dat bepaalt immers hoe geloofwaardig zo’n peiling is. Vorige week belde een journalist me om een reactie te vragen op een peiling: slechts 1 op de 6 ondervraagden kende de bevoegdheden van mijn chef. Ze hadden hun regioreporters 150 ‘mensen’ laten ondervragen. Daar reageer ik dus NIET op.

Misschien moet ik morgen zelf eens met notitieboekje de hort op. En gaan vragen in het parochiehuis hoeveel zondagse kaarters er op CD&V zouden stemmen. Zeer representatieve peiling.

straf sap

September 19th, 2008

Brusselse stations zijn niet meteen een ideaal oord om rustig rond te kuieren. De weinige winkels die er al zijn, sluiten te vroeg of doen na enkele maanden definitief de deuren dicht. De omgekeerde wet van de commercie geldt er blijkbaar: hoe meer voorbijgangers, des te kleiner de omzet. Naar mijn mening heeft de mentaliteit van de uitbater (of vaker: zijn personeel) daar veel mee te maken.  Ze rollen de luiken al 5 minuten voor sluitingstijd naar beneden. De verwelkoming van een nieuwe klant gaat meestal niet verder dan een droog ‘bonjour/goeiendag’.

Met enige blijdschap mag ik dan ook de start van een outcast meedelen: een fruitsapzaakje in Brussel-Noord, in een uithoek van het staion. Denk dat de winkelvloer amper 10 m2 bedraagt, maar wat een efficientie! Je kan kiezen uit 25 soorten sap, in een grote of kleine beker. De varieteiten luisteren naar de naam Assepoester of Magic Blue, het personeel (2 immer glimlachende allochtone medeburgers) snijdt, pers en centrifugeert aan lichtsnelheid.

Je betaalt 5 euro voor een volle grote beker (en vol betekent niet: 2/3de fruitsap, 1/3 ijsblokjes, maar : ‘tot de rand gevuld met vers fruit’). Mijn gok: dat zaakje gaat daar nog lang staan. En binnenkort als enige.

oe doen die da

September 14th, 2008

Beste West-Vlaming,

Ik vind u toffe peren. Jullie zijn relaxed, met een diepgeworteld gevoel van eigenheid. Vlot tweetalig West-Vlaams / Frans (althans in de toeristische badplaatsen) en niet gehinderd door enige bescheidenheid.

Maar voor eens en altijd: leer alstublieft het verschil tussen ‘die’ en ‘dat’. Het zal uw aanzien ook buiten de regio verhogen. Het is niet: “een huis die ik gekocht heb”, of “een jongen dat ik ken”. De Nederlandse taal is niet eenvoudig, maar toch deze simpele regel: plaats het kleine woordje voor het zelfstandige naamwoord (meestal het langere woordje) en je merkt meteen of het werkt. Zeggen jullie “die huis” of “dat jongen”? Vanaf nu niet meer.

Selectieve aandacht

September 14th, 2008

Rapporten van de OESO zijn vaak lekker voer voor journalisten. Een betrouwbare organisatie die significante cijfers voorlegt. Ik werd er - toen mijn chef nog minister van Welzijn was - meermaals mee geconfronteerd. Sommige dagbladen maken er ook een sport van je pas om 6u te bellen, terwijl het nieuws al voor de middag op hun bureau ligt. Of de minister ‘even’ kan reageren op een rapport van 200 bladzijden over de slechte punten die Belgie krijgt inzake gezondheid bij allochtonen.

Helemaal anders wordt het als datzelfde OESO plots nieuws brengt wat komaf maakt met 8 jaar paars integratiebeleid:

“Bijna nergens zijn immigranten zo slecht geïntegreerd op de arbeidsmarkt als in België. Voor de eerste keer heeft de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) in haar jaarlijks migratierapport een ’scorebord’ gemaakt over de kloof tussen immigranten en autochtonen op de arbeidsmarkten van verschillende OESO-landen. Op Polen na scoort België het slechtst. Slechts een op de twee immigranten heeft een job. En de werkloosheid ligt dubbel zo hoog als bij de autochtone werkkrachten. Enkel vrouwelijke migranten boeken vooruitgang.”

Zo stond het alvast deze week in De Tijd, Belang van Limburg, Gazet van Antwerpen en Het Laatste Nieuws. De Morgen rept met geen woord over de conclusie van het onderzoek, maar zoomt in op een detailopmerking van de onderzoekers:

“In een lijvig migratierapport staat de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) stil bij de nadelen van tijdelijke migratie.”

No further comment.

De parel van de Ardennen

September 11th, 2008

‘Bienvenue à Spa’ met eronder  ‘la perle des ardennes’, dat bordje passeer je als je het eens zo mondaine dorpje binnenrijdt. Een titel zegt niets is me altijd geleerd, en ook in de toeristische sector blijkt dat te gelden.

We logeerden in een hotelletje grenzend aan het kuuroord. Dat ligt bovenaan de heuvel, het centrum ligt beneden. Wellicht met wat centjes van het Marshall-plan is er daarom een geautomatiseerd liftje geinstalleerd.  Ik heb niets tegen een frisse wandeling voor en na de maaltijd, maar als je vriendin haar gewrichtsbanden verrokken heeft, is een heuvel beklimmen geen aanrader.

Na een gezellig etentje (weekendmenu in het SAS radisson is een aanrader) terugwaarts kerend, blijkt dat het toeristenliftje na 9u gesloten is. De lift is er nog, de elektriciteit ook, maar de service niet. Alle argumentatie hiervoor ontbreekt, zelfs eentalige.

Geen nood: terug naar het restaurant. Een taxi alstublieft. Veuillez appeler un taxi svp? Een bedenkelijke blik aan de andere kant van de balie. Een taxi? Na 10uur ’s avonds? Hij wou het wel eens proberen, maar we moesten niet teveel hoop koesteren. En inderdaad, drie telefoontjes later blijkt dat er geen enkel taxibedrijf bereid is om na 10u deze toeristische trekpleister te bedienen. Kuuroord, luxehotels, casino, maar geen taxi.

Enig alternatief: de voet de heuvel op, langs een slingerend en slecht onderhouden padje. De verlichting, waarvan de receptionis ons verzekerde dat die een veilige klim garandeerde, blijkt er hoegenaamd niet te zijn. Dat de werkloosheid in Wallonie met 8% gedaald zou zijn (dixit Rudy Demotte), betekent niet dat het niveau van dienstverlening of vakkennis toeneemt.

50 minuten later kijken we allebei naar de skyline van Spa. La perle des Ardennes, mais sans taxi.